Bomen kappen

Product informatie

Samenvatting

Als u een houtopstand (meestal een boom) wilt kappen, moet u een omgevings-vergunning hebben. Van kappen kan ook sprake zijn als er zeer drastisch wordt gesnoeid, bijvoorbeeld het verwijderen van de kroon uit een boom.
Alleen de eigenaar van een boom kan een omgevingsvergunning aanvragen (of moet daarvoor toestemming geven).

Voorwaarden

Het kappen van een boom kan noodzakelijk zijn als:

  1. De boom een gevaar vormt.
  2. De boom zon en zicht wegneemt.
  3. Het vanuit het oogpunt van onderhoud wenselijk is dat de boom wordt gekapt (bijvoorbeeld om andere bomen meer ruimte te geven).

Aanvullende voorwaarden

De gemeente kan aan de vergunning bepaalde voorwaarden verbinden, zoals

  1. Een herplantplicht. De gemeente kan tevens een termijn stellen waarbinnen moet worden voldaan aan de herplantverplichting.
  2. Een bezwaartermijn van 6 weken. In de meeste gemeenten wordt de verlening van omgevingsvergunningen openbaar bekend gemaakt, zodat belanghebbenden bezwaar kunnen maken. De gemeente kan dan alsnog besluiten de vergunning niet te verlenen.

In geval de houtopstand onder werking van de Boswet valt, moet het kappen worden gemeld bij LASER: de Dienst Landelijke service bij regelingen van het Ministerie van Economische Zaken.

Weigeringsgronden

De redenen op grond waarvan de gemeente een vergunning kan weigeren, zijn

  1. De natuurwaarde van de houtopstand.
  2. De landschappelijke waarde van de houtopstand.
  3. De waarde van de houtopstand voor stads- en dorpsschoon.
  4. De beeldbepalende waarde van de houtopstand.
  5. De cultuurhistorische waarde van de houtopstand.
  6. De waarde voor de leefbaarheid van de houtopstand.

Bij een aanvraag van een omgevingsvergunning zal de gemeente de belangen bij handhaving van de te kappen houtopstand moeten afwegen tegen de belangen bij verwijdering. Dit kan ertoe leiden dat een waardevolle boom toch gekapt wordt indien bijvoorbeeld de boom dreigt om te waaien.

Gang van zaken

  1. U doet de vergunningcheck via het omgevingsloket op de website van het ministerie van Infrastructuur en Milieu, om te zien of u een omgevingsvergunning nodig heeft.
  2. Als u een vergunning nodig heeft, dan kunt u deze via dezelfde module ook digitaal aanvragen. U heeft daarvoor wel uw DigiD inlogcode nodig (voor bedrijven uitsluitend nog via 'eHerkenning', kijk hiervoor op de website van het ministerie van Economische Zaken).
  3. U krijgt schriftelijk antwoord van het bevoegd gezag. Dat kan de gemeente zijn, maar ook de provincie, het waterschap of de rijksoverheid.
  4. Meestal is overleg nodig met het bevoegd gezag: een omgevingsvergunning vereist namelijk maatwerk.
  5. Als uw aanvraag wordt gehonoreerd, dan wordt de vergunning toegestuurd (inclusief de voorwaarden waaronder u de vergunning krijgt).
  6. Bent u het niet eens met de beslissing, dan kunt u bezwaar maken. In het besluit staat vermeld hoe u in bezwaar kunt gaan.

Het is ook mogelijk de vergunning via een formulier van de gemeente aan te vragen.

procedure

Er kan sprake zijn van een reguliere of een uitgebreide voorbereidingsprocedure(afhankelijk van de complexiteit van de aanvraag). Voor de reguliere voorbereidingsprocedure geldt een doorlooptijd van 8 weken (van aanvraagbevestiging tot bekendmaking van het besluit) en kan met 6 weken worden verlengd. Voor de uitgebreide voorbereidingsprocedure geldt een doorlooptijd van 6 maanden met een mogelijke verlenging van 6 weken. Het bevoegd gezag geeft vooraf aan welke van de 2 proceduretypen er sprake zal zijn.

Meenemen

Verklaring over

  1. De soort en het aantal te kappen bomen.
  2. De situering van de te kappen bomen.
  3. De reden voor het kapverzoek.

Alsmede een schriftelijke toestemming van de eigenaar, indien de eigenaar niet zelf de aanvraag doet.

Kosten

Per boom € 60,30

per andere houtopstand € 361,80

Achtergrond

De eis van een omgevingsvergunning kan voortvloeien uit de Algemene Plaatselijke Verordening, de Boswet of het bestemmingsplan.

Algemene Plaatselijke Verordening

In de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) is door de gemeenteraad een regeling opgenomen op grond waarvan het verboden is houtopstanden te kappen. De houtopstand zal meestal een boom zijn, maar kan ook een houtwal zijn. Een houtwal is bijvoorbeeld een lint van struiken en bosjes. Heggen of hagen worden niet gezien als houtwal. Solitaire struiken en heesters worden niet gezien als boom omdat er geen stam gevormd wordt. Struiken en heesters vertakken zich direct boven de grond. De APV beoogt waardevolle houtopstanden te beschermen.

Niet in alle gemeenten zal de regeling voor het kappen van houtopstanden hetzelfde zijn. De bepalingen zullen worden toegespitst op de plaatselijke situatie.

Boswet

De Boswet beoogt het Nederlandse bosareaal en de houtopstanden in stand te houden. In het kader van de Boswet is daarom met name het herplanten van bomen van belang. Door herplanting blijft het bosgebied in stand. De Boswet zondert bepaalde categorie├źn bomen uit van de gemeentelijke regelgeving, dit betreft o.a. wilgen en populieren langs landbouwgronden en wegen, bomen van bosbouwondernemingen, fruitbomen en windschermen langs boomgaarden. Op deze bomen is de APV dus niet van toepassing.

Bestemmingsplan

In bestemmingsplannen kunnen regelingen worden getroffen ter bescherming van houtopstanden. De regeling in het bestemmingsplan moet aangeven waarom bescherming van een houtopstand vanuit planologisch of stedenbouwkundig oogpunt gewenst is. Bestemmingsplannen worden echter steeds globaler opgesteld. Het treffen van een regeling voor de handhaving van een specifieke houtopstand past niet in het globale bestemmingsplan. Bovendien bestrijkt de regeling in de APV het gehele grondgebied van de gemeente. Bij een bestemmingsplan is dit vrijwel nooit het geval.

Uitzonderingen

In de meeste gevallen zal voor het kappen van een houtopstand of boom een vergunning benodigd zijn op grond van de APV. Dit geldt zowel binnen als buiten de bebouwde kom. In de model-APV, de voorbeeldverordening van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, worden onder andere de volgende uitzonderingen op het verbod gemaakt:

  1. Wegbeplantingen en eenrijige beplantingen langs landbouwgronden, beiden voor zover niet bestaand uit niet-geknotte populieren of wilgen.
  2. Vruchtbomen en windschermen rond boomgaarden.
  3. Fijnsparren, niet ouder dan 12 jaar en bestemd en gekweekt als kerstboom op een hiertoe bestemd terrein.
  4. Kweekgoed.
  5. Houtopstand die bij wijze van dunning moet worden geveld.
  6. Houtopstand die geveld wordt krachtens de Plantenziektewet of krachtens aanschrijving van de gemeente.

De eerste 4 uitzonderingen vloeien voort uit de Boswet. In deze gevallen is geen omgevingsvergunning vereist maar moet een melding gedaan worden bij het bureau Laser van het ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie. Voor het kappen van alle andere houtopstanden is op grond van de APV een vergunning vereist van de gemeente.

Tips

Indien u een omgevingsvergunning aanvraagt, dan kunnen derden bezwaar tegen de eventuele vergunningverlening indienen. Overleg eerst met omwonenden of zij bezwaar hebben tegen het kappen van een boom.

De gemeente kan over een lijst met waardevolle bomen beschikken. Controleer bij de gemeente eerst of de boom die u wilt kappen op deze lijst staat.

Digitale formulieren